COVID-19: Verschil tussen zelftest en sneltest.
De klassieke PCR-tests om COVID-19 op te sporen, worden al een eindje aan de lopende band afgenomen. Via een neuswisser wordt via de neus en langs achter in de keel op zoek gegaan naar het virus. Deze PCR-testen bieden de grootste vertrouwelijkheid. Jammergenoeg zijn deze PCR-tests schaars (omwille van de grote vraag) en duurt het even voor de resultaten bekend zijn. Daarom werd er reeds op zoek gegaan naar andere mogelijkheden. Zo zijn de mogelijkheden momenteel al uitgebreid naar zelftests en sneltests. Maar wat is het verschil nu eigenlijk tussen die twee?
Zelftest
De snelle zelftest – ook wel serologische test genoemd - wordt via een bloedprik afgenomen. Dit type test toont de aanwezigheid van antilichamen in het lichaam. Op die manier kijkt men of de patiënt de ziekte heeft doorgemaakt en of er afweerstoffen tegen het virus werden aangemaakt. Let wel, de antilichamen in het bloed zijn pas na 1 à 2 weken zichtbaar. Dit brengt ons meteen bij een belangrijk nadeel. Deze test geeft enkel resultaat over het verleden van de persoon en zegt niets over de huidige toestand. Dergelijke zelftest is bijgevolg niet geschikt om acute gevallen op te sporen. Bovendien kan het even prutsen zijn om je bloeddruppel mooi op de test te krijgen.
De snelle zelftesten werden ingevoerd op 18 maart 2020. Aanvankelijk was het verboden om deze snelle zelftesten te kopen. Sinds 18 september 2020 verviel dit verbod op de verkoop ervan.
Sneltest
Daarnaast hebben we de sneltest, of anders gezegd de diagnostisch anti-genen-test. Deze test werkt zoals de klassieke PCR-test, waarbij er met een neuswisser wordt gewerkt. Via deze neuswisser gaat men in de neus en langs achter in de keel op zoek naar antigenen (het virus). Ook wanneer er kort na het begin van een infectie nog geen anti-lichamen zijn aangemaakt, kan dit type test een COVID-19-infectie aantonen.
Het voordeel van deze sneltest is dat het – it’s in the name - snel resultaten kan aantonen. In tegenstelling tot de klassieke PCR-test, waarbij resultaten pas na 1 à 2 weken zichtbaar zijn, kun je bij de sneltest na 15 minuten al resultaten afleiden. Anderzijds is de PCR-test betrouwbaarder dan de sneltest. Bij deze laatste kun je super verpreiders en mensen met symptomen uithalen. Voor mensen zonder symptomen is het wetenschappelijk bewijs minder duidelijk. Door het gebruik van een neuswisser kun je de sneltest ook niet van jezelf uitvoeren. Deze wordt idealiter steeds gedaan door een arts of verpleegkundige. Bovendien is het wettelijk nog steeds verplicht dat deze testen worden afgenomen en geïnterpreteerd door een zorgprofessional.
Conclusie
Alhoewel de sneltest een enorme tijdswinst oplevert, blijven ze toch minder betrouwbaar dan de PCR-tests die in onze Belgische labo’s worden uitgevoerd. Toch is de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) zeer lovend over deze anti-genen-test. Zeker met het oog op de toegankelijkheid en het opschalen van testen in armere landen.